Ga direct naar de inhoud
TheorieZin
OpleidingVaarbewijs 2

Les 7 van 7

Kaartpassen: positie, koers en afstand op de kaart

In de laatste vier vragen van het examen werk je met een echt kaartfragment van het Markermeer en de Waddenzee. Hier oefen je de handgrepen op een fictieve oefenkaart.

Let op: oefenkaart en examen

Onze oefenkaart is verzonnen en niet voor navigatie. Op het examen krijg je fragmenten van de echte kaarten 1810 (Markermeer) en 1811 (Waddenzee). Je levert het kaartfragment samen met je kladpapier in.

Werk met een passer, een navigatiedriehoek en een scherp potlood. Je antwoord moet binnen een kleine marge vallen, dus werk netjes.

Positie aflezen

Trek een lijn van het punt naar de breedteschaal aan de zijkant en lees de breedte af. Doe hetzelfde naar de lengteschaal boven of onder. Let op de tienden van minuten tussen de streepjes.

Voorbeeld op de oefenkaart: ton B ligt op 54°04,0'N 003°06,0'E.

Koers en afstand

  • Leg de driehoek langs je traject en schuif hem naar een meridiaan of de kompasroos. Lees de ware koers af.
  • Controleer de richting: van A naar B is iets anders dan van B naar A. Het verschil is 180°.
  • Pak de afstand met de passer en zet hem op de breedteschaal op dezelfde hoogte.
  • Voorbeeld: ton A naar ton B is 038° en 3,8 zeemijl. Met 6 knopen duurt dat 3,8 / 6 is 0,63 uur, ongeveer 38 minuten.

Positie met peilingen

Reken kompaspeilingen eerst om naar ware peilingen. Met een handpeilkompas tel je meestal alleen de variatie mee. Teken vanaf elk object de tegenpeiling: de peiling plus of min 180°.

Waar de lijnen elkaar snijden, lig jij. Kies objecten die minstens 30° uit elkaar liggen, dan is het snijpunt het scherpst.

Heb je één peiling en een afstand, zet dan vanaf het object de afstand af langs de tegenpeiling.

Stroomdriehoek

Wil je over de grond van A naar B, maar zet de stroom je opzij? Teken vanaf A de stroompijl voor 1 uur. Zet vanaf het eind van die pijl je vaarsnelheid af tot je de lijn A naar B raakt.

Die laatste lijn is de koers die je door het water stuurt. Voorbeeld: grondkoers 038°, 6 knopen, stroom naar 090° met 1,5 knoop. Je stuurt 027°, dus 11° de stroom in.

UitkomstTolerantie MarkermeerTolerantie Waddenzee
Koers of peilingongeveer 2°ongeveer 3°
Tijdongeveer 2 minutenongeveer 2 minuten
Eenheid afstandkilometerzeemijl

Veelgemaakte fouten

  • Afstand meten op de lengteschaal.
  • De peiling vanaf het object in de peilrichting uitzetten in plaats van de tegenpeiling.
  • Vergeten de miswijzing toe te passen voordat je een peiling tekent.
  • Bij stroom de vaarsnelheid vanaf A uitzetten in plaats van vanaf het eind van de stroompijl.

Bronnen: cbr.nl, cbr.nl. Gecontroleerd op 13 oktober 2026.

Gratis oefenen

Test wat je net hebt geleerd

Een paar vragen over dit onderwerp, met uitleg. Geen account nodig.

Vragen laden…

Klaar om echt te oefenen?

Met de complete cursus krijg je alle vragen, 8 oefenrondes en proefexamens met de echte regels.

Start de cursus · € 59,95
Vraag? App ons