Les 3 van 7
Scheepvaarttekens en betonning
Langs het water staan borden en lichten die iets verbieden, gebieden of aanwijzen. Op het water liggen tonnen die het vaarwater markeren. Je leert de tekens uit bijlage 7 en de betonning uit bijlage 8 van het BPR.
Soorten borden
Een verbodsbord met P, anker of meerpaal geldt aan de kant van het vaarwater waar het bord staat. Het blauwe bord met hetzelfde symbool staat het juist toe.
| Soort | Uiterlijk | Voorbeeld |
|---|---|---|
| A Verbod | Wit met rode rand en rode schuine streep, of rood wit rood | A.1 doorvaren verboden, A.5 geen ligplaats |
| B Gebod | Wit met rode rand, zonder schuine streep | B.5 stilhouden, B.6 maximumsnelheid |
| C Beperking | Wit met rode rand en een maat | C.2 beperkte doorvaarthoogte |
| D Aanbeveling | Gele ruit of geel licht | D.1 aanbevolen doorvaartopening |
| E Aanwijzing | Blauw met wit symbool, of groen wit groen | E.1 doorvaren toegestaan, E.6 ankeren toegestaan |
Lichten bij bruggen en sluizen
- Twee rode lichten boven elkaar: verboden, de brug of sluis is buiten bedrijf.
- Eén rood licht: verboden, wacht op groen.
- Rood boven groen: verboden, maar het mag zo. Maak je klaar.
- Groen: doorvaren of invaren toegestaan. Bij dubbel groen bij een brug is tegenliggend verkeer mogelijk.
- Rood met een groen flikkerlicht eronder (A.11.1): verboden, tenzij je zo dichtbij bent dat je niet meer veilig kunt stoppen.
- Rood met één geel licht boven de opening: wie laag genoeg is mag door, ook uit de andere richting. Bij twee gele lichten mag de andere richting niet.
Betonning: links en rechts
De rechterzijde van het vaarwater wordt gemarkeerd met rode stompe tonnen, de linkerzijde met groene spitse tonnen.
Op een rivier bepaal je rechts en links door stroomafwaarts te kijken. Vaar je stroomafwaarts, dan heb je de rode tonnen aan stuurboord. Vaar je stroomopwaarts, dan liggen ze aan bakboord.
Rode tonnen hebben een even nummer, groene een oneven nummer.
Overige tonnen
- Rood groen gestreepte bol: splitsing van het vaarwater.
- Geel met geel kruis: bijzonder gebied, zoals een verboden gebied, ankerplaats of wedstrijdbaan.
- Zwart met rode band en twee zwarte bollen: afzonderlijk gevaar, rondom is bevaarbaar.
- Cardinale tonnen in zwart en geel: het veilige water ligt aan de kant waar de kegels naar wijzen. Twee punten omhoog is noord, twee punten omlaag is zuid.
- Rood-wit of groen-wit gestreept: aanvullende markering, bijvoorbeeld van een recreatiegeul.
Veelgemaakte fouten
- Denken dat rode tonnen altijd aan bakboord liggen. Dat hangt af van de richting waarin je vaart.
- Een bord met P en schuine streep lezen als parkeerverbod voor auto's. Het gaat om ligplaats nemen met schepen.
- Bij één rood licht doorvaren omdat de brug wordt bediend. Je wacht op groen.
- Een noordton aan de noordkant voorbijvaren omdat je denkt dat het gevaar daar ligt. Het veilige water ligt juist aan de noordkant.
Bronnen: wetten.overheid.nl, wetten.overheid.nl, wetten.overheid.nl, wetten.overheid.nl, varendoejesamen.nl. Gecontroleerd op 13 oktober 2026.
Gratis oefenen
Test wat je net hebt geleerd
Een paar vragen over dit onderwerp, met uitleg. Geen account nodig.
Klaar om echt te oefenen?
Met de complete cursus krijg je alle vragen, 8 oefenrondes en proefexamens met de echte regels.