Verlichting zorgt dat jij goed ziet en dat anderen jou zien. Elke lamp heeft zijn eigen moment.
Dimlicht
Gebruik je dimlicht als het donker is en bij slecht zicht. Denk aan een tunnel, zware regen of mist.
Grootlicht
Grootlicht gebruik je op een donkere, lege weg. Zet het uit als er een tegenligger aankomt of als je achter iemand rijdt. Anders verblind je de ander.
Mistachterlicht
Het mistachterlicht is fel. Je gebruikt het alleen als het zicht door mist of sneeuwval minder dan 50 meter is.
Alarmlichten
Alarmlichten gebruik je bij pech of om achteropkomend verkeer te waarschuwen voor een plotselinge file.
Veelgestelde vragen
Wanneer gebruik ik mijn mistachterlicht?
Alleen bij zicht onder 50 meter door mist of sneeuwval.
Wanneer zet ik grootlicht uit?
Als er een tegenligger aankomt of als je achter iemand rijdt.
Wanneer gebruik ik dimlicht?
In het donker en bij slecht zicht.



